Moederdag

Advertenties

Onverbloemd

De week voor Moederdag is, naar jaarlijkse traditie, een bijzonder hectische periode voor madam Menck. Dan is het alle hens aan dek in de bloemenzaak waar ze werkt. Vakantiedagen mogen niet worden genomen, de wekelijkse vrije maandag vervalt, ziek worden of ineens bevallen is uit den boze en vooral blijven ademen is de boodschap.
De zaterdag voor Moederdag gaat de winkel in alle vroegte open. Zowat de hele dag door staan klanten in een rij tot buiten aan te schuiven om te worden besteld. Gelukkig wordt er ook veel gereserveerd op voorhand, gaande van boeketten over bloemstukken tot kamer- dan wel terrasplanten.
Drie tot vier man extra personeel springt dat weekend bij om elke kooplustige zo goed en zo snel mogelijk te kunnen bedienen. De kassa rinkelt schier onafgebroken, honderden ruikers worden ineengestoken en onderling wordt er nauwelijks gesproken.
“Verwacht me niet thuis voor tien uur ’s avonds”, gaf Katrien me reeds mee.
“Geen probleem, schat”, repliceerde ik. “Dan kan ik eindelijk eens die al tijden opgenomen film bekijken.”
“Welke film?”
Fuck My Dirty Shithole. Machtige prent met een glansrol voor de Zweedse Salfken Vorandeprume.”
“Yeah, right.”

Eveneens traditie: de bazin kiest voor alle personeelsleden – op twee man na allemaal vrouwen – eenzelfde werkoutfit. Die wordt geruime tijd voor de drukte besteld via een gekende Duitse-webwinkel-met-hoge-werkdruk om vervolgens te passen en al dan niet te retourneren voor een andere maat.
Dit jaar werd er geopteerd voor casual chic: zwarte stretchbroek, schoenen die het midden houden tussen witte vintage turnpantoffels en All Stars van Dunaldi, en een zwarte blouse met contrasterende grote bloemenprint waarvan de korte mouwen te lang of de lange mouwen te kort zijn. Mensen van de wereld zouden gewagen van driekwartsmouwen, doch ik reken mezelf allerminst tot die groep.

Geef toe: mijn madam zou niet misstaan in een boekske. Een Vogue of een Marie-Claire van halfweg de seventies, om er maar eens twee te noemen. Nu ze negen kilo is vermagerd – bespeur ik daar een ontluikende Twiggy? – en zich het kapsel van de jonge Ringo Starr heeft aangemeten, gaat ze bovendien volledig op in de tijdsgeest van toen. Als ik me niet vergis, werd Moederdag toen ook al gevierd. Aan den haard, of zo.

En u?


[ Foto: Menck ]

Zegen: zon na regen

Vanavond struinde ik, mijn camera in de aanslag, een poos door de zonovergoten tuin. Na een dag vol miezerige regen was deze plotse ommekeer een meer dan welkome afwisseling.
Omdat een logje niet altijd uit heelder lappen tekst moet bestaan – en al zeker niet nu deze stek nog immer in zomermodus verkeert – schotel ik u hieronder zonder al te veel woorden de vruchten mijner lens voor.

Wandelt u even mee?
Na afloop trakteer ik u op een hartige koffie met een koekje. Beloofd.


Wisteria sinensis | Blauweregen


Clematis verovert boom (1)


Oeverzone van de amfibiepoel


Acanthus mollis onder bloesemsneeuw


Polygonum odoratum | Salomonszegel


De dans der volle (hosta)potten


Camassia cusickii | Prairielelie


Erysimum ‘Bowles Mauve’ | Steenraket of Muurbloem


Clematis verovert boom (2)


Choisya ternata | Glansmispel


Iris hollandica ‘Blue Magic’


Blauweregen langsheen het zuiderterras (1)


Blauweregen langsheen het zuiderterras (2)


Iris pseudacoris variegata | Gele lis in een oud eiken tonnetje


We love privacy


Akelei


Euphorbia martinii | Wolfsmelk


Ontluikend varenblad


Alliums zijn geliefkoosde hommelplanten


Onze woning raakt langzaamaan ‘ingeklimopt’


Hekkensluiter: Chatblis op de vogeldrinkpaal


[ Foto’s: Menck ]

O ja, belofte maakt schuld. Alstublieft:

 

Weg met de Cydalima perspectalis!

Van alles heb ik geprobeerd: bezwerende slaapliederen zingen, hun kopjes masseren met bleekwater, ze met een veertje onder de oksels kietelen, ze laten kijken naar alle programma’s waar Annemie Struyf in opdraaft en met een verschroeiende laserstraal in hun ogen schijnen. Niks hielp. Zelfs drie welhaast opeenvolgende douches met het exotisch geurende Bio-Pyretrex brachten nul zoden aan de dijk.

En aldus heb ik deze week mijn stoute (hand)schoenen aangetrokken en al die recalcitrante klootzakken verbannen naar andere oorden, hun habitat incluis. Kortom: adieu rupsen van de buxusmot. Mijn klandizie zullen jullie alvast niet meer belagen wegens eveneens adieu buxushagen.

Drastisch?
Misschien.
Doch vergis u niet. Want de – nimmer aflatende – bestrijding kost u ofwel handenvol geld ofwel eindeloos veel moeite/tijd ofwel beide. Om over de constant weerkerende ergernis nog maar te zwijgen.
Ik heb me alvast resoluut teruggetrokken uit dit gevecht tegen de bierkaai en dat ook aan mijn gewaardeerde cliënteel medegedeeld. Alras bleek dat ik hierin veelvuldig geruggesteund werd/word als ik maar met alternatieven op de proppen kan komen.
En die zijn er.
Taxus baccata, bijvoorbeeld. Of als het dan toch enigszins op buxus moet lijken: Ilex crenata of Lonicera nitida. Zelfs ligustrum is een waardige (doch bladverliezende) vervanger. Alles is heden beter dan buxus. Want wie buxus bezit, krijgt steevast de gelijknamige mot op bezoek. En die legt eitjes dat het niet mooi meer is. Eitjes waaruit erg fraai ogende doch bijzonder vraatzuchtige rupsjes komen. Zeg nú al maar dag met het handje tegen al uw moeizaam verkregen topiaryborders; vroeg of laat zit de mot erin. Sowieso.

Onderstaand toon ik u een gevalletje buxusvervanging. Het is onderhand een routineklus geworden. De klant in kwestie opteerde voor Lonicera nitida Maigrün. Voordeel: goedkoop. Nadeel: minstens twee scheerbeurten per jaar nodig. Veelal drie.
De aanvankelijke keuze viel nochtans op de veel beheerster groeiende Ilex crenata, de groenblijver die buxus vormelijk het dichtst benadert. Dat was: tot de prijs aan bod kwam. Want Ilex crenata is vooralsnog pokkeduur. Wie een aantal jaren wil/kan wachten, zal geheid de aankoopprijs zien zakken. Doch als je tuin vol rosse, dode buxus staat, wil je zoveel doffe ellende simpelweg niet nog langer aanschouwen.

Lonicera nitida Maigrün wordt doorgaans in plastic potten van anderhalve liter verkocht. Om polsontwrichtend schepwerk met een plantenschopje te vermijden, creëerde ik, middels een slijpschijf, een handig werkinstrumentje uit een conisch gevormde zinken vaas met dezelfde diameter als een dergelijke pot. De werking ervan is vergelijkbaar met die van een eenvoudige bollenplanter: tot op de gewenste diepte in de grond duwen en bovenhalen maar.

En daarna is het bijna bandwerk:

  • een reeks putjes maken;
  • putjes tot bovenaan vullen met water;
  • planten erin stoppen en aanduwen;
  • nogmaals stevig begieten…

… om straks – binnen de kortste keren, that is – het resultaat van voor de ingreep te bekomen:


(foto: juli vorig jaar)

Geef toe: a child can do the laundry, isntiet?


[ Foto’s: Menck ]

Gedeukt: ego & co

Het is werkelijk onbeschrijflijk hoe ik me kan laten opnaaien door hersenloze losers die iemands have en goed beschadigen. Zo ook vorige vrijdagavond nadat een dergelijke onverlaat de ganse rechterachterlichtunit van mijn bestelwagen naar de filistijnen had geholpen en alsmede het plaatwerk op een zodanige wijze had geremodelleerd dat de roestduivel er thans vrij spel op heeft. En dan zwijg ik maar over de esthetische kant van zoveel smakeloos deuk- en blutswerk.

Het eerste wat ik dacht toen ik met een zaklamp in de hand de schade aanschouwde, was: wat zou ik die rekel graag eens mijn gedacht zeggen. Wat ik ook deed. Want het toeval wil namelijk dat ik die gast ken. Dientengevolge schold ik hem de huid vol en verwenste ik hem dat het niet mooi meer was. Want, ziet u, die brokkenmaker is niemand minder dan schrijver dezes.

Nochtans: de behoedzaamheid waarmee ik die avond achterwaarts de oprit van een klant verliet, was niet min dan voorbeeldig. Alleen hulde het hol waar ik me bevond zich in een duisternis van heb ik u daar. De overzichtelijkheid van mijn schuur op wielen laat sowieso al danig te wensen over, maar op dat moment reed ik echt zowat op de tast. En ineens was er die nare, doffe bons. Een geluid dat ik prompt herkende van toen ik, vele jaren eerder, eens achterwaarts tegen een betonnen paal reed.
U mag tweemaal raden waartegen ik deze keer abrupt tot stilstand kwam. Yep, een betonnen paal. Een verlichtingspaal dan nog wel. Eentje met een pitje waar zelfs een theelichtje zich laatdunkend over zou uitlaten. Puh.

In alle eerlijkheid mag ik tevens gewag maken van een dodehoekongevalletje. Want noch in mijn spiegels noch door mijn achterraampjes kon ik de lantaarnpaal ontwaren. En zodoende dirigeerde ik mijn busje zonder argwaan de straatkant op. En ineens was daar dus die paal. Die van rechts kwam. De seut.

De snelheid die mijn blikken doos op het moment van aanrijding had ontwikkeld, was niet meer dan stapvoets. In verhouding is de schade dan ook best aanzienlijk te noemen.
Conclusie: een autocarrosserie lijkt heden wel opgetrokken uit aluminiumfolie. Of, zoals alle voertuigfabrikanten daartegenin brengen, uit welberekende kreukelzones. Dat van die kreukels geloof ik voortaan alvast direct.

Toeme toch.

[ Foto: Menck ]

Giveaway: tel en win!

Waar eens een twee meter brede Leylandiihaag stond – die dit voorjaar waarlijk compleet naar de filistijnen was – kwam na verwijdering een lange strook niemandsland vrij. Mijn klant had er graag een houten schutting en Waldsteinia ternata ofte goudaardbei voor in de plaats gehad.
En alzo geschiedde, na eerst de magere zandgrond danig te hebben opgewaardeerd:

Enig nadeel bij zulk een operatie is de manshoge hoeveelheid P9-potjes die resteert na het aanplanten.
Alhoewel, nadeel: als u kunt raden hoeveel dergelijke potjes zich in onderstaande toren tegen mijn tuinpoort bevinden, doneer ik de eerste die het correcte antwoord in het reactieluik plempt met veel graagte een veertiendaagse all inclusive reis naar het exotische Damascus, Syrië.
Da bomb, zeg ik u, u moest al aan het tellen zijn!

* De laatste foto is aanklikbaar voor groter ter vergemakkelijking van de telling. *


[ Foto’s: Menck | Dit schrijfsel kadert in de Zomermodus van deze blog. ]


U P D A T E:

Ik plantte een strook aan van 13 x 2 meter ofte 26 vierkante meter in totaal.
Als je weet dat er per vierkante meter tien planten ter aarde werden besteld, ligt het antwoord voor de hand: 260 plantjes en dus evenzoveel P9-potjes.
Er kwam helaas geen winnaar uit de bus. Volgende keer beter, folks.