Categorie: Challenge

Dark Is The Night

.
Donker associeer ik, zoals wellicht de meesten onder u, met de nacht.

Zelf ben ik een avondmens en een notoire nachtbraker. ’s Morgens vervul ik mijn taken op automatische piloot, de middag werkt alreeds bewustzijnsverruimender en bij valavond staan al mijn zintuigen op scherp. Een straffe die mij ervan kan overtuigen dat de morgenstond goud in de mond heeft. Om halfvijf ’s ochtends stap ik soms uit bed. Niet om te gaan joggen of me aan een wandeling bij het eerste ochtendgloren te wagen, maar om te plassen en meteen terug mijn ledikant in te duiken.

Mocht u thans denken dat het daglicht mij niet kan bekoren: think again. Dan is de natuur mijn bondgenoot op velerlei vlakken, zelfs om den brode. Overdag laat ik mijn lichaam en mijn zintuigen naar hartenlust hun enthousiaste zelve wezen, ’s avonds mijn geest. The best of both worlds, zeg maar, alleen zelden gecombineerd.

Donker is echter meer dan het licht uit. Bij het woord denk ik eveneens aan donkere gedachten. Aan de winter. Of een donkere medemens. Donker staat voor naargeestigheid en voor donkere biersoorten, voor dubieus, dof en droevig. Er is donkerblauw en donkerrood, al wordt donker meestal geassocieerd met grijs en zwart. Er is pikkedonker, aardedonker, stikdonker en grafdonker. Kortom: donker.

Anne Oosterlinck hengelt deze week naar foto’s waarin donker centraal staat. Veel dergelijke opnames maak ik niet. De resultaten zijn zelden bevredigend en vaak verstoken van de polychromie die ik zo liefheb. Mijn camera is bovendien nogal ruisgevoelig. Het beestje is aan zijn pensioen toe; de opvolger staat reeds te trappelen van ongeduld. Hopelijk is hij het donker wél meester.

Glas-in-loodraam in de trappenhal van het gemeen-tehuis van Ichtegem
De winterprik van afgelopen januari
Dreigend avondrood boven onze straat
Helleborus by night
De Zandstraat bij valavond
Nachtfotografie van de trompetbloem (Campsis radicans)
Polychrome winteravond

.
[ Foto‘s: © Menck ]

Binnenkijken bij… (10)

.
Zonder enig coronacertificaat noch een verplicht mondmasker verplaats ik me vandaag richting Nederland, het land van Oranje dat thans veeleer rood kleurt. Dat ik zulks virtueel executeer, scheelt weliswaar een slok op de borrel.
De dame die me op de gefingeerde koffie uitnodigde teneinde me een bescheiden inkijk in haar interieur te offreren, is de laatste weken opvallend afwezig in de blogosfeer. De kans bestaat dus dat ze uw reacties niet – of mogelijks later – zal beantwoorden.

Stapt u even mee binnen bij…
.

KAKEL (MIRJAM)

.
Hey Menck,

Wat een leuk idee. Natuurlijk doe ik mee!

Wij hebben nooit kerstversieringen voor het raam, doch wonen prettig in de buurt. Vlak bij de uitvalsweg naar de polder. Me dunkt.
Ons huis aan de voorkant is open, rondom de garage en achtertuin staat een hek.
Zonnecrème, schoenpoets, een ventilator? Een ding is zeker: ik ben geen no-nonsense-type.

We wonen ruim en licht en houden van veel kleur. Diverse stijlen door elkaar. Modern met antiek grenen.
Schilderijen (waaronder twee joekels: een koeienkop en een veld klaprozen) aan de muur.
Een kast waarin ik blauw/wit verzamel met oude foto’s van dierbaren. Mijn fiets ertegenaan.

Een houten eettafel vol creatieve zooi en bloemen. Bloemen “moeten” er altijd zijn.
Het is schoon en redelijk opgeruimd.
Per seizoen wissel ik van attributen.

Als kind mocht ik thuis niets aanraken, geen vingerafdruk op de glazen salontafel of keukenkastjes, geen vriendin binnen vragen.
Lezen veroorzaakte stof (volgens mijn moeder) evenals tekenen en kleuren. Buitenspelen was geen optie want mijn kleding moest schoon, heel en netjes blijven. Dat laatste is nooit gelukt. Ik klom in bomen en op schooldaken. Ik was de nagel aan mijn moeders doodskist.
Eén ding wist ik zeker: als ik op mezelf ga wonen, wil ik een huis waarin wordt geleefd.

Mijn vader (meubelmaker) heeft de haardomlijsting gemaakt. Onze keuken geplaatst. Onze dochter heeft alleen in door hem gemaakte bedden geslapen. Waaronder een prinsessenbed met kroon, een hoogslaper. Ik dwaal af…

Omdat ik nogal van de privacy ben, slecht een gedeeltelijke blik op ons interieur. Beschouw het als een compliment.
Mocht ik te laat zijn met mijn inzending, doe dan geen moeite om mij ertussen te proppen. Had ik maar eerder moeten reageren.

Waarderende groet!
Kakel a.k.a. Mirjam

Satur9’s Photo Challenge: LANDSCHAP

.
In Ichtegem hebben we ook een berg.


Nu ja, berg: een heuvel.
Althans, het is meer een glooiing in het landschap.
Oké, het is eigenlijk gewoon een kuil.
En toch, het is dat landschap waarvan de individualiteit me ’s nachts in mijn dromen soms haast bovennatuurlijk krachtig aangrijpt.
Om het te proeven, ga ik mezelf ermee harmoniseren. En neem ik er foto’s van, steeds meer, de seizoenen doorkruisend, alle zintuigen op scherp.

(via)

[ Foto’s: © Menck ]

SATUR9’s Photo Challenge #20: MUZIEK

.

Op de dag voordat ons land deze maand gedurende schier twee weken in een ellendige waterzooi veranderde, trokken mijn broer, zijn madam, Katrien en ik richting het immer charmante Snellegem alwaar we onder een stralende zon present tekenden voor een benefietavond ten voordele van Huis Snello, een vzw die zich inzet voor kinderen met een beperking. Op het menu stonden paella, een twee uur durend liveoptreden, (de teloorgang van) de Rode Duivels op groot scherm en de reünie met een jeugdvriend die ik zowat vijfendertig jaar niet meer had gezien. Hij is de bestuurder van de organiserende vereniging, een nobele taak die hij al bijna twintig jaar geheel vrijwillig executeert. Het werd een blij weerzien en we hebben dan ook langdurig bijgepraat onder het genot van een rist mij totaal ongekende streekbiertjes.

Aangezien deze editie van Satur9’s Photo Challenge over muziek gaat: op het podium stond de Filip Bollaert Band. Filip Bollaert is een performer pur sang en een werkelijk sublieme gitarist. Samen met zijn doorwinterde muzikanten – onder anderen Ben Crabbé aan de drums en Jan Hautekiet als toetsenist – bracht hij een repertoire van complexloze covers waar ze hun eigen originele interpretatie aan gaven. Ik heb – of wat dacht u? – volop genoten, gedanst en meegezongen, meegebruld zelfs, met zowat vijftienhonderd andere kelen waardoor ik de daaropvolgende drie dagen zo schor was als een kraai. De groep bracht belpop, new wave, blues, rock en stomende oldies waarvan ik een stukje heb gefilmd dat u hieronder kunt aanschouwen:

Volgend jaar grijpt deze driedaagse opnieuw plaats. Ik heb nú al kaarten gereserveerd.

[ Foto’s: © Menck ]

In our family portrait, we look pretty happy

.

Een portretfoto is uiteindelijk slechts de bevroren tijd tussen het openen en sluiten van het gaatje. Het begin van de val van een guillotine tot het laatste sprankeltje inkomend licht. Een wiskundige rechte met een onbegrensd verleden aan de ene en een oneindig futurum aan de andere kant.
En ineens tref je je facie op een beeld. Terwijl je er naar kijkt, ben je reeds enkele seconden ouder. Wat je ziet, is niet meer hoe je thans bent. Een portretfoto stopt de evolutie, vangt het moment, omarmt de herinnering en doet je later mijmeren over wat was.

Ik waag me te weinig aan het vastleggen van mensen. Of beter: ik raak ontmoedigd; veel personen weigeren zich te laten pinnen op de gevoelige plaat die bij hen klaarblijkelijk ook een gevoelige snaar raakt. De hoofdschuldige van zoveel weerwil is het almachtige internet. Met één muisklik circuleert je beeltenis ineens de ganse globe rond en word je mondiaal te grabbel gegooid voor altemaal. En zelfs al is het “maar” een foto, een weergave van wat uiterlijke kenmerken, toch lijkt het alsof mensen er hun ziel mee sacrifiëren aan elkeen die hem onder ogen krijgt.
Mijn wens is dan ook om eens een reeks portretten te kunnen maken van mensen zonder enige vorm van cameravrees. Daarbij gaat mijn voorkeur uit naar zwart-witfotografie. Iemand die zich geroepen voelt, mag zich immer melden.

Onderstaand zie je achtereenvolgens de liefde mijner leven, mijn ouwe in een ernstige luim, mijn broer en zijn Oost-Vlaamse vlam en mijn negen jaar jongere zus.
.

[ Photo Challenge ]

Perspectief

.
Laat ik, de Photo Challenge van Satur9 indachtig, enkele dingen eens in perspectief plaatsen.
Geheel letterlijk, that is.
En om de keuze wat moeilijker te maken, doe ik zulks middels zestien foto’s. Deugnietje, ikke.

1. Oostende, strekdam

2. Eeklo, mijn broers thuisbasis

3. Brugge

4. Zedelgem

5. Ichtegem

En last but not least: mijn broers visie betreffende perspectief:

[ Foto’s: © Menck ]

SATUR9’s Photo Challenge 14: LICHT

.
Alvorens ik een tuinplan ontwerp, en ook voor ik overga tot aanplanting in een bestaande tuin, is het eerste dat ik van de klant wil weten waar de zon ’s middags staat. Licht is in mijn beroep van cruciaal belang, want de flora bestaat nu eenmaal uit zonneaanbidders en (half)schaduwminnaars.
(via)


De zon is de grootste en meest ecologische lamp in ons bestaan. De helderste ook, want vind maar eens een lichtbron in de plaatselijke doe-het-zelfzaak die meer dan honderddertig duizend lumen per vierkante meter produceert. Dat is het equivalent van 384.600.000.000.000.000.000 megawatt. Een grootverbruiker, met andere woorden, doch tevens geheel macrobiotisch alsook gratis. Wat nogal logisch is aangezien de koperen ploert brandt op zonne-energie. (Insert lachband)
Om die en duizend andere reden vind ik zonlicht dan ook attractief, boeiend en behaaglijk. Zonsopgangen en -ondergangen roepen instant een dromerige, feeërieke dan wel mystieke sfeer op. Van volle zon wordt eenieder meteen goedgezind. En wat is er bekoorlijker dan gefilterd zonlicht dat ineens door een dens blader- of wolkendek priemt? Of zonnestralen na een fikse regenbui? Heerlijk.

Eenmaal de zon achter de einder is verdwenen, prefereer ik gedempt licht. Of sfeerlicht, zo u wil.
Toen we onze woning kochten, waren lichtknoppen met een dimfunctie installeren het eerste wat ik deed. Wie me kent, weet dat ik een bloedhekel heb aan fel verlichte huiskamers. Te onzent wordt er ’s avonds geleefd met kleine lichtpuntjes. Een leeslamp, een kaars of een getemperde lichtbron om er maar eens enkele te enumereren. We zetten de woning alleen in lichterlaaie – geheel en al bij wijze van spreken, don’t worry – als er wordt gepoetst dan wel geklust.


Me bij valavond op ons terras neervlijen met wat verderop een tuinfakkel of het schijnsel van de maan: hoe romantisch wil je me hebben? En als dan ook het schoonste licht mijner leven zich bekoorlijk naast me drapeert, mogen wat mij betreft alle lichten uit. Zorgen wíj wel lekker voor de sfeer!

[ Foto’s: © Menck ]

Binnenkijken bij… (7)

.
Wie de natuur aanschouwt én tevens mijn beroep kent, zal ongetwijfeld wel snappen waarom er de afgelopen twee weken een zekere blogarmoede te bespeuren viel op deze stek.

Mijn werkdagen tellen heden vele uren en zijn bijwijlen slopend doch immer boeiend en uitermate gevarieerd. Schrijver dezes hoor je alvast niet klagen.
Vandaag echter werd het gat alwaar ik resideer geplaagd door maritiem polaire luchtstromingen die gepaard gingen met schier onafgebroken neerslag. En dat net op een zeldzaam vrij etmaal, zijnde Hemelvaartsdag. Tijd om in de pen te kruipen, kortom.
Dit keer trek ik de grens over, meer bepaald naar Zeeuws-Vlaanderen. Want daar gaan we binnenkijken bij…

AFFODIL

.
Hallo Menck! Ziehier mijn bijdrage.

Ik wil er wel meteen bij vertellen dat de foto’s nu net gemaakt zijn in functie van geplande veranderingen.
Ik ben zinnens de schoorsteen in een warme donkergrijze tint te steken. Valt die spuuglelijke steen rond de haard meteen wat minder op. Daar wil ik dan een vrij grote antieke bronzen spiegel hangen die ik nog als huwelijkscadeau van een tante kreeg.

Wat de bovenstaande foto betreft: de beperkte hoeveelheid muur rondom de ramen krijgt vermoedelijk dezelfde kleur óf een tintje lichter. In de andere richting (eerste foto) weet ik het niet zo goed. De muur achter de tafel loopt links door in de keuken, dus dan zou ik daar ook verder grijs moeten schilderen, maar dat past van geen kanten in het kleurschema daar.

Het liefst zou ik in de zithoek een rond vloerkleed leggen in natuurlijke vezels. Maar met een langharige hond die het hele jaar door zíjn vezels in het rond strooit, weet ik dat nog niet zo direct. Als je bedenkt dat we al een halfuur kwijt zijn aan het ontpluizen van de deurmat in de veranda…

Deze tekenkamer was wat voor mij de doorslag gaf toen we het huis gingen bekijken. De uitbouw had 1) veel natuurlijk licht en 2) rechtstreekse uitkijk op de tuin. Bovendien zat de tekenkamer voor Manlief ook niet ergens ver weg van de rest van het huis zoals in Kruibeke. Ze sluit gewoon aan bij de woonkamer, zodat er nog contact mogelijk is. Toen we binnen kwamen en ik dit zag, interesseerde de rest van het huis mij al niet meer. Dít wás het!

In het kantoor hebben we elk een hoek met onze pc. Aan de kant naar het raam toe zit mijn echtgenoot. De kaften die in de boekenkast staan, zijn de boeken die hij in de loop van >30 jaar over de natuur geschreven heeft (een soort geactualiseerde Grzimek, met eigen illustraties). Op de voorgaande foto staat het kleine stukje boekenkast dat nog voor mij overbleef.

Onze “vrouwencollectie” bestaat uit een tekening die mijn man maakte naar een cover van NatGeo, met daarvóór drie beeldjes die we kochten in een Oxfamwinkel in Roosendaal terwijl we wachtten op onze afspraak om de auto te laten inschrijven. Het terracottabeeldje van een Bedoeïnse is gemaakt door mijn schoonzusje. De kalabasha ernaast en het houtpaneel eronder, waar nog een stukje van te zien is, komen ook van bij Oxfam.

Tenslotte is er nog onze vogelcollectie. De drieteentjes op de berkenstam komen van Terschelling. Later vonden we werk van dezelfde kunstenares op Texel en daar komen respectievelijk de kieviet met jongen, de geoorde fuut, de rotgans en de bergeend vandaan. We hadden afgesproken dat we het daarbij gingen laten, maar intussen kijken we er al naar uit om in het najaar te gaan neuzen wat er nog aan nieuwe soorten te koop is.

Binnenkijken bij… (6)

.
“Dag Menck,

Me voorstellen hoef ik niet meer te doen; je volgt al tijden mijn blog en je stalkt me op Facebook. Dus.
Mijn echte naam vernoem ik niet in dit schrijven. Dat beetje privacy wil ik graag behouden. Mocht je me een alias willen toedichten: ga je gang. Maar zorg er dan wel voor dat hij voldoende afwijkt van mijn echte naam. Alvast bedankt!”

Aangezien ik mijn discipelen op handen draag, respecteer ik dit vriendelijke edoch dwingende verzoek. Vandaar dat we vandaag binnenkijken bij…

HILDA van GROENGENOT

.
Toen we hier introkken, heb ik me in eerste instantie toegespitst op de tuin. Met slechts een spade en een hark te mijner beschikking, evenals tonnen engelengeduld, werd onze aanvankelijk verwilderde stee langzamerhand omgeturnd tot wat ik thans ‘mijn aards paradijs’ noem.
Ik tuinier uitsluitend biologisch. Zo zijn bijvoorbeeld de talloze bloembollen die ik vingersgewijs in de grond heb gepropt allemaal biologisch geteeld op het veld van Velt. Af en toe worden er enkele opgevreten door woelmuizen. Die produceren dientengevolge biologische stront die ik, intelligent als ik ben, aanwend op mijn aardbeien. Mijn man vindt zulks hooglijk absurd en zegt suiker op zijn aardbeien te prefereren. Ja, die gozer van me kan een stevig stukje zagen, klagen en vitten. Vandaar ook dat ik zoveel in de hof te vinden ben.
De helft van mijn bed steekt daarenboven geen poot uit in onze groene oase omdat hij twee linkerhanden heeft en bovendien een viooltje nog niet eens kan onderscheiden van een bussel bladspinazie. Gelukkig is hij goed in bed. Onze slaapkamer heb ik om die reden ‘mijn hemels paradijs’ gedoopt.

Edoch, ik wijk af.
Dat doe ik wel vaker, eigenlijk. Zo ben ik eens afgeweken van mijn rijstrook omdat ik iets te intensief op mijn smartphone aan het surfen was. Ook dat vindt mijn wederhelft bijzonder belachelijk. Hij surft op het water. Zulks executeert hij al meer dan zevenentwintig jaar, doorgaans op onze overmaatse tuinvijver. Als er geen wind genoeg is, ordonneert hij me om hem voort te stuwen middels de bladblazer, een toestel dat ik overigens slechts voor dat doel bezig. Bladeren laat ik lekker liggen, want ik denk ecologisch.
Soit. Dat afwijken van mijn rijstrook, dus.
Dat is me erg slecht bekomen, moet ik zeggen. Ik reed pardoes een patattenveld in alwaar ik tegen de tractor van een boer bruusk tot stilstand werd genoopt. Mijn wagen was total loss en zelf kwam ik hier ook niet geheel ongeschonden uit. Ik verloor mijn rechterbeen omwille van een amputatie. Dit heeft me trouwens veel geld gekost, want de arts was een onvervalste, eh, afzetter.


Heden húppel ik door het leven. Enigszins noodgedwongen, dat wel, maar ook figuurlijk trotseer ik het bestaan al huppelend. Helaas is het spitten mijner moestuin een ganse klus geworden nu ik met slechts één been op de grond sta. Ik plant de spade voor me in de bodem en vervolgens spring ik op de bovenrand van het blad. De keren dat ik zodoende reeds op mijn bek ben gestuikt, zijn niet meer op één hand te tellen. Gelukkig heb ik mijn beide handen wél nog.

Bon. Ik moest het over mijn interieur hebben, zeker?
Dat ik het tuingebeuren zo uitgesponnen heb belicht, komt doordat het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Ik zou er honderduit kunnen over vertellen. Tiens, dat is iets wat ik overigens ook doe. Op mijn blog, met name.
Mijn echtgenoot leest mijn schrijfsels niet. Hij is, behalve met twee linkerhanden, tevens behept met slechtziendheid. Ik mocht er van hem eigenlijk met geen woord over reppen; dat zág hij niet zitten. Doch aangezien hij al evenmin jouw blog leest, mag het wat mij betreft blijven staan. Ik breng, behalve mijn tuin, ook graag al eens mijn man ten berde. Dat is het gevolg van het feit dat ik hem doodgraag zie en hij mij ook. Maar wel slécht, dus.

Wijk ik toch wel weer af, zeker! Vertelde ik je al dat ik zo ooit eens van mijn rijstrook ben afgeweken? Soit.
Ons interieur, dus.
Ik nam drie foto’s vanuit drie verschillende standpunten en plakte ze vervolgens tegen elkaar. Dat gebeurde met kleefband op de achterkant, vandaar dat het niet opvalt. Het is, kortom, een langgerekte foto geworden. Een interieurpanorama. Maar jij zorgt er wel voor dat hij aangeklikt kan worden voor groter formaat, niet?
Wat ik erover te vertellen heb?
Hm.
Niets, eigenlijk.
Ik zou teveel afwijken, moet je weten.

* * *

[ N.v.d.r.: Tja, mevrouw Groengenot, dat komt er nu van als je me slechts een foto toestuurt en niks, nul, nada tekst. En laat ik vandaag nou net in een niet zo ernstige bui verkeren. Toeme, toch. ]
.

Binnenkijken bij… (5)

.

VIEF

.

Vandaag komen de interieurfoto’s aangewaaid uit een stad die in de negentiende en twintigste eeuw het centrum van de vlasnijverheid was, doch thans gekend is voor zijn textielindustrie, als inkoopstad en zijn centrumfunctie op het vlak van tewerkstelling, dienstverlening en onderwijs. De stad heeft naast diverse hogescholen zelfs een universiteit.
De stedelingen pruimen het niet als u ze als Kortrijkenaren bestempelt, maar appreciëren het des te meer als ze Kortrijkzanen worden genoemd.
Het West-Vlaamse Kortrijk dus, en daar woont, ondertussen zelfs al meer dan een jaar, een zekere Vief. Wat ze me toestuurde, kunt u hieronder lezen én bekijken.

De tafel en stoelen schafte ik me aan bij Overstock Home, de kast kocht ik via Marketplace. Ik betaalde er €150 voor en heb er niet op afgeboden wegens echt kwalitatief. Ze laten zandstralen maakte me nog eens €150 lichter.

De salontafel vond ik eveneens op Marketplace. Ik denk dat hij €150 heeft gekost, maar daar ben ik niet meer zeker van. Het tv-meubel komt van Nieuw Leven – Second Life. Je vindt die zaak op de Veurnseweg 549 te Elverdinge-Ieper. Ik deed aldaar een serieus batje: ik heb er nog geen €200 voor betaald. Wie Nieuw Leven – Second Life volgt op Facebook krijgt elke week de nieuwe koopwaar te zien die ze in de winkel hebben. Af en toe tref je er mooie stukken, als je tenminste van gezandstraalde meubels houdt.

Het bruin bureautje op de achtergrond werd vervaardigd door mijn vader, weliswaar op maat van een 12-jarige. De beenopening in het midden is met andere woorden iets te benepen.
Dit kleinood heeft altijd op een slaapkamer gestaan, maar sentimentele ikke wou het niet meer wegstoppen. Om datzelfde sentiment mag het ook niet van kleur veranderen.

Deze foto, die te koppig is om hier voluit te staan – lees: ik ben de mail beginnen te typen op mijn telefoon en daar wil de foto niet volledig openen; op de pc zit hij in bijlage – toont een muur die nog moet veranderd worden. De twee industriële tafeltjes passen hier niet en gaan nog naar oudste’s nieuwe huis.
Ik zou daar eigenlijk een plantenmuur willen van maken maar zoek nog het juiste gerief om planten op te zetten. Een oude houten werkbank met bankschroef die niet te breed is, zou ik wel zien zitten. Daarenboven bots ik dan ook nog ’s op het feit dat planten daar te donker staan in de winter. Suggesties voor planten die bij minder licht gedijen, zijn dus welkom.
Die lange muur moet mettertijd ook nog behangen worden, maar ik ben nog niet op het juiste papiertje gestoten. Tot ik het vind, blijft hij wit.

Ondertussen heb ik waarschijnlijk overdreven met al mijn uitleg, niet?

.

Don’t worry, Vief: absoluut niet.

.

[ Begeleidende tekst & foto’s: Vief ]