Thomas’ tag: cars à gogo

Van de heer Thomas Pannenkoek is geweten dat hij een simpele ziel is en dat hij het leven ondergaat. Dat zijn overigens zijn eigen woorden.
Wie, zoals ik, zijn blog al wat langer leest, weet ondertussen al een pak meer over die mens. Sinds deze week onder andere dat hij al zes auto’s naar de verdoemenis heeft geholpen en heden zodoende met zijn zevende voertuig ’s heren wegen onveilig maakt. Daarbij vraagt hij zich af wie van zijn lezers eveneens zulk een “palmares” kan voorleggen.
En ziedaar: een nieuwe tag was geboren.

Mijn lijst is iets langer dan die van Thomas, vrees ik, doch zulks mag geen verwondering wekken als u weet dat zowel mijn madam als ik ons woon-werkverkeer per auto afleggen. Of beter: dienen af te leggen. Want het openbaar vervoer in het gat waar we woonden/wonen was en is je reinste lachertje. De fiets is, door de grote afstanden, evenmin een optie. En dus zwaait Koning Auto de scepter te onzent, al juichen we dat om diverse redenen allerminst toe.

Vooraleer ik u een rondje foto’s met wat uitleg in de maag splits, wil ik dat u weet dat ik allerminst een autogek ben. De nieuwerwetse blikken lijken allemaal net iets te veel op elkaar en missen dus vooral datgene wat de auto’s uit pakweg de sixties wél nog hadden: een eigenwijze smoel, tonnen karakter en vaak ook een lijn waarvan Marilyn Monroe spontaan begon te kwijlen.
Verder biecht ik u eerlijk op dat madam Menck noch ik ooit een nieuwe auto hebben gekocht. Onze karren waren en zijn stuk voor stuk tweedehands. De volkswijsheid dat je daardoor andermans verdriet zou kopen, slaat veelal als een tang op een varken. Een goede, betrouwbare garagist kan u dienaangaande voor veel leed behoeden. Alvorens tot aankoop over te gaan, peil ik steevast grondig naar a) de historiek, b) de betrouwbaarheid, c) het reële verbruik en d) de praktische kant van een auto. Zaken als kleuren, velgen, spoilers en andere toeters en bellen interesseren me geen hol.

Bon, dan steek ik bij deze van wal. Ongeïnteresseerden haken hier best af.
Voor zij die wel van enige nostalgie, leedvermaak en herkenning houden: scrollen maar.

CITROËN 2CV

Deze oude geit (Nederland: eend) was niet van mij, maar het was wel de eerste auto waarin ik een jaarlang op wekelijkse basis naar Keulen en terug reed. Yep, ooit was ik een soldaat. De oranje 2cv behoorde toe aan iemand die vond dat het ding al veel te lang stilstond en me vervolgens de sleutels overhandigde met de woorden: “Behandel mijn dame met zachtheid, beste Menck. Het zal haar deugd doen om eens een ganse tijd haar vleugels te kunnen uitslaan.”

Voordelen: Zuinig | boterzachte vering | open (zeil)dak | klapraampjes | het ‘ware autorijden’-gevoel | een goede – optionele! – geluidsinstallatie.

Nadelen: Tergend traag (van 0 tot 100: een halve dag – topsnelheid met wind in de rug en bergaf: 110) | rumoerig | boterzachte vering | spartaanse zetels.

Prijs: Gratis, de benzine uitgezonderd.


FORD GRANADA – 2.0 benzine (madam Menck)

Toen pa en ma een nieuw voertuig op het oog hadden, werd deze hoekige benzineslurper geschonken aan dochterlief. Al te lang zou ze er niet in rijden, want dit bakbeest was dorstiger dan de gemiddelde Zwitser en was niet bepaald een ‘kruip door sluip door’-model te noemen. Na hooguit een jaartje vertrok hij per boot naar Zuiderse oorden. (Alwaar hij heden ongetwijfeld nog steeds het mooie weer maakt.)

Voordelen: Ruimte, ruimte en nog ’s ruimte | krachtige motor | robuust.

Nadelen: Verbruik | hete skaizetels in de zomer | omvang | roestgevoeligheid.


VOLKSWAGEN GOLF II – 1.6 Diesel

Mijn eerste eigen autootje, geheel en al geschonken door mijn ouwelui. Kostprijs: 250.000 Belgische frank (6.250 euro).
Helaas bleek dit een opgelapt onding dat zo onbetrouwbaar was als de pest. Het ene mankement volgde het andere in sneltempo op. De auto stond meer bij de garagist dan dat hij reed.
Het resultaat was dat ik dit vehikel veel te snel van de hand heb moeten doen teneinde me niet blauw te betalen.

Voordelen: Zuinig | praktische bruikbaarheid.

Nadelen: Zo basic als maar kon (slechts één optie: een sigarettenaansteker) | traag | rammelkar | tal van mankementen | spuuglelijke kleur (babykak).


RENAULT 5 – 1.1 benzine (madam Menck)

Na amper één jaar in ons bezit weigerden de remmen alle dienst en gleed deze Franse dame zonder dralen onder een vrachtwagen. Madam Menck kon het nog navertellen, de Renault helaas niet meer.

Voordelen: Zuinig | groot schuifdak | een leuk ogend snoepje.

Nadelen: De eerste versnelling inleggen resulteerde geregeld in achteruitschakelen. Vervelend, zeker als je in de file staat | traag | basic uitvoering | niet al te degelijk in elkaar geschroefd rammelwagentje.


TALBOT HORIZON – 1.9 diesel

Het merk Talbot is al een poos verdwenen tussen de plooien van de tijd. Jammer, want deze comfortabele Fransoos was best wel fijn om in te rijden.
Ik schafte dit wagentje als tussenoplossing aan. Even doorsparen voor een degelijker exemplaar, zeg maar. Kostprijs: 24.000 frank (600 euro).

Voordelen: Zijdezachte ophanging | verbruik | vinnig voor een ongeblazen dieseltje | de meest comfortabele zetels die ik ooit in een wagen aantrof.

Nadelen: Roestte welhaast hoorbaar | hoge laaddrempel | basic.


VOLKSWAGEN GOLF II – TOUR-uitvoering – 1.6 turbodiesel

Een topwagen. Wat een contrast met mijn eerste Golfje. Deze kar trok op als een tierelier, was tegelijk zuinig en heeft me zo goed als geen enkel moment in de steek gelaten.
Uiteindelijk klokte ik af op 420.000 (!) kilometer waarna ik mijn trouwe metgezel verkocht aan een Afrikaan. “Ies vor export, menier.”
Kostprijs: 300.000 frank (7.500 euro).

Voordelen: Uitermate betrouwbaar | zuinig | vinnig | vijfdeurs | trekhaak.

Nadelen: Nog steeds erg spartaans. De optielijst bij VW is, zelfs nu nog, ellenlang en pokkeduur.


ALFA ROMEO ALFASUD – 1.3 benzine.

Dit afdankertje werd een tijdje het mijne in afwachting van beters. De bedenkelijke reputatie die Italiaanse auto’s in die tijd hadden, maakte dit bruintje meer dan waar: het was storingsgevoelig, roestte terwijl je er op keek en was tuk op zeer frequente benzinepompbezoekjes.

Voordelen: Typische roffelende Alfasound uit die dagen | wegligging | fijn interieur | vinnig kleintje.

Nadelen: Verbruik | roesten | storingsgevoelig | onaantrekkelijke kakakleur.


NISSAN SUNNY – 1.0 benzine (madam Menck)

Deze Sunny verving de onfortuinlijke Renault 5. Hij was groter, zuiniger maar een stuk minder krachtig. Kleur: Ferrarirood, haha.
Problemen met dit wagentje: nul. Dé Japanse gestaalde perfectie, zeg maar. Tot op heden kunt u, mits wat geluk, deze auto’s nog aantreffen in het straatbeeld.
Prijs: 125.000 Belgische frank (3.125 euro).

Voordelen: Ruim | zuinig | betrouwbaar | lichte besturing zonder servo | prima verwarming.

Nadelen: Bij-zon-der traag | zeer basic uitvoering | warmde ’s zomer snel op vanbinnen | saai uiterlijk.


TOYOTA CARINE E – 2.0 Turbodiesel (Toen ik me een Avensis aanschafte, werd dit madam Mencks auto)

Deze Japanse voiture van Engelse makelij was, zonder enige overdrijving, de beste auto die ik ooit heb gehad. Comfortabel, ongelooflijk ruim, voorzien van alle destijds gangbare opties en tevens mijn eerste wagen met servobesturing.
Toentertijd werd hij bestempeld als ouwezakkenbak, doch dat deerde me allerminst. My Toyota was fantastic, jazeker, zelfs na 400.000 probleemloze kilometers.
Kostprijs: 10.000 euro.

Voordelen: Teveel om op te noemen.

Nadelen: Weinig opwindende looks | spuuglelijke zetelbekleding | krasgevoelige lak.


HONDA MAGNA 750cc (madam Menck)

Dit uit Amerika geïmporteerd bobbermodel was een ganse tijd Katriens favoriete verplaatsingsmiddel. Winter en zomer, jawel. Beetje born to be wild, bevroed ik.
Toegegeven, deze stoere chopper hoort niet echt thuis in dit logje, maar ik vind hem desalniettemin vermeldenswaardig. Bij deze, dus.


FORD FIESTA MK II – 1.0 benzine (madam Menck)

Dit slome kleintje schaften we aan voor exact 1.000 euro. Na een jaar verkochten we het wagentje voor dezelfde prijs.
De auto hing al die tijd scheef op links, zodat je als chauffeur de neiging had van je zetel te glijden. De ophanging bleek te zwak, een gekend euvel bij dit model. Zulks was op de duur zo storend dat de Fiësta de deur werd gewezen.

Voordelen: Betrouwbaar | verbruik | onverwacht ruim vanbinnen.

Nadelen: Sloom | ophanging | zeer basic.


PEUGEOT 205 – 1.8 Turbodiesel (madam Menck)

Een tof nummer, luidde destijds de reclameslogan. En dat was ook zo.
Ondanks dat deze Fransoos qua assemblage toch wat te wensen overliet, bracht hij madam Menck immer uiterst gezwind van a naar b. Het staalblauwe kleintje was geen overdreven zuinigheidskampioen, maar schonk wel voldoening middels uitmuntende prestaties. Een scheurijzertje pur sang, met andere woorden.
De Peus sloot zijn leven af met welhaast 300.000 km op de teller en wisselde daarna probleemloos van eigenaar.

Voordelen:
Lekker zittende zetels | groot schuifdak | zeer vinnig | goed compromis vering-wegligging | onverwacht storingsarm.

Nadelen:
Te hoog verbruik | achterbank slechts voor kinderen | matige assemblage | rammelde als gek | zware besturing ondanks servo | schakelde hakerig.


TOYOTA AVENSIS STATIONWAGON – 2.0 Commonrail turbodiesel (D4D)

Over deze slee kan ik kort zijn: een geweldige auto. Na driehonderdduizend kilometer zonder noemenswaardige mankementen, kan ik niet anders dan nogmaals de loftrompet steken over Toyota.
Deze bijzonder ruime stationwagen was mijn eerste wagen met commonrailtechniek. Hierdoor was hij zuinig en snel tegelijk. Het was tevens mijn eerste ‘full option’-auto: elke toen mogelijke optie tekende present, lederen zetels daargelaten. Een luxebeestje, kortom.

Voordelen: Teveel om op te noemen.

Nadelen: Geen. Tenzij misschien de handelbaarheid in de stad.


MINI ONE – 1.4 Turbodiesel (madam Menck – huidige wagen)

Hoewel madam Menck gek is op dit karretje, vind ik er niks aan. Het is klein, de koffer en de achterbank zijn lachertjes, het rammelt dat het een lieve lust is en het is veel te duur voor wat het uiteindelijk maar is. Ook zijn er welhaast geen aflegmogelijkheden in het interieur. Storend, zoiets.
Roemenswaardig zijn echter de degelijke motor (van Toyota, jawel), het lage reële verbruik (4,3 liter / 100 km) en de vinnigheid van het kleine dieseltje.
Het kleinood heeft ondertussen +200.000 kilometer achter de kiezen zonder al te grote kosten.

Voordelen: Zuinig | fantastische wegligging | vinnig | prima stadswagentje dat ook op de autosnelweg zijn mannetje staat | looks interieur en exterieur.

Nadelen: Klein (als mens van 1,90 meter krijg ik me er welhaast niet ingewrongen) | zeer stug |rammelbak | welhaast geen aflegmogelijkheden | dure onderdelen.


NISSAN NV200 – bestelwagen – 1.5 DCI (huidige wagen)

Dit – toegegeven – lelijke hok schafte ik me aan uit noodzaak (lees: als werkpaard). Hierbij hield ik eens te meer rekening met een aantal factoren: verbruik, aanschafprijs, praktische bruikbaarheid, betrouwbaarheid. Na lang wikken en wegen, koos ik uiteindelijk voor deze middelgrote bestelwagen.
Zijn redelijk compacte buitenafmetingen doen allerminst vermoeden dat het laadruim zo groot is (4,2 m3). De laaddrempel is bovendien de laagste in zijn categorie en de ultrakorte draaicirkel bombardeert deze bestelwagen zelfs tot een prima stadskameraad.
Na twee jaar en honderdduizend kilometer ben ik nog immer tevreden over deze aankoop, ook al mocht de trekkracht van de betrekkelijk kleine diesel wat mij betreft gerust wat groter zijn. Hulde echter voor zijn zuinigheid.

Voordelen: Compact van buiten, ruim van binnen | hoge zitpositie | verbruik | wendbaarheid | heel veel opties.

Nadelen: Stugge vering | motor mocht krachtiger | Slechts twee zetels (in plaats van drie zoals bij tal van soortgenoten) | rumoerig.


En u?

Advertenties

  1. Mrs. Brubeck

    Geit: check! (Hadden een groene thuis)
    Golf: check (pas getrouwd)
    Renault 5: check (B zijn echte 1e auto)
    Nissan: check (dik in het zak gezet door een garagist en er veel miserie aan over gehouden)
    😀😀

    Like

  2. Thomas Pannenkoek

    https://secondpartofmylife.wordpress.com/2012/03/30/mijn-autokerkhof/
    Eilish maakte me er attent op dat ook zij ooit zo’n overzichtje heeft gemaakt. Wist ik niet van.
    Een serieus repertoire, mijnheer Menck! Een heel prettig terugzien van de Talbot ook, een wagen die compleet uit mijn geheugen was gewist. Was een beetje de Simca 1100 in een nieuw jasje gestoken.
    Met zo’n Ford Granada heeft mijn nonkel Henri zeker twintig jaar gereden. Hij kreeg er een spraakgebrek van, want ‘Granada’ heeft hij nooit juist kunnen uitspreken. Het was dan ook aangetrouwde familie…
    Je Nissan bestelwagen vind ik absoluut geen lelijk hok, maar dat zal dan aan mijn smaak liggen…

    Liked by 1 persoon

  3. woelmuizenier

    Mijn waslijst:
    1. 1973.Ford Anglia (gebr., 12.000Bfr): een schuine achterruit, 3 versnellingen en door mijn broer in snot gereden.
    2. 1975. Triumph 1300: (gebr., 12.000Bfr) kardanas verbogen door een te zware vriendenkring overal mee te sleuren.
    3. 1976. Fiat 126 (nieuw, 85.000Bfr)): dank zij de handgas (!) kon je tenminste eens het rechterbeen af en toe een beetje
    uitstrekken. Met 4 personen en een bagagerek vol kampeermateriaal haalde ze nog altijd 105km/h.
    4. 1977. Seat 132 (nieuw, 120.000Bfr): een trekpleister voor medeparkeerders. Na 2 jaar vervangen door een 2de h. fiets.
    5. 1981. Toyota Hiace (gebr ., 56.000Bfr): samen met mijn eerste ega de deur uit.
    6. 1983. Fiat 126 ( gebr., 5.000Bfr)
    7. 1984. Renault 4 ( gebr., 00,0Bfr + Btw) + geleende aanhanger: mijn rijdende natuurvoedingswinkel, maar kort daarna
    vervangen door:
    8. 1985. Volkswagen T1 (gebr., 12.000Bfr): tijdelijk aan de kant gezet.
    9. 1985. Citroën HY (gebr., 13.000 Bfr): samen met mijn handeltje verkocht.
    10. 1986. VW T1 (die van nr. 8): verbruik: 16l/100km. Dit probleem werd opgelost door eens met veel te weinig olie te rijden.
    11. 1988. Fiat 132 (gebr., 6.000Bfr): na 1 jaar maakte een voorwiel zich zelfstandig.
    12. 1989.Opel Kadett (gebr., 6.000Bfr): opeens was de bodem en complete inhoud van de kofferruimte verdwenen, het
    reservewiel zat nog vastgeklemd tussen achterbank en nummerplaat.
    13. 1991. Toyota Liteace (gebr., 56.000Bfr): „Njet“ zei de Keuring.
    14. 1993. Opel Kadett (gebr., ???Bfr): na 2 jaar verkocht aan een Pool.
    15. 1995. Fiat 132 (gebr., 30.000Bfr): idem.
    16. + BMW R800/7 (gebr., 56.000Bfr) wegens, na veel en soms veel minder rijgenot, daar maar te staan verkocht aan een
    liefhebber.
    17. 1997. Mazda camionetje (model/type/prijs vergeten; gebr.) na 2 jaar weer eens „Njet“.
    18. 1999. Volkswagen T3 (gebr., 54.000Bfr): in de zak gezet en na 6 maanden noodgedwongen laten afslepen.
    19. 1999. Volkswagen T4 (gebr., 1 jaar oud, 32.000DM/16.000€): gekocht wegens onze noodzakelijke 7 veiligheidsgordels; al
    365.000km en nog altijd fit for the road.

    Mocht er ooit een VW T1 op de markt komen die op water rijdt: hebbes!

    Like

    • Menck

      Als zelfstandig hovenier ben ik helaas niet veel met het openbaar vervoer, de fiets of de benenwagen. Tenzij er een vriendelijke buschauffeur of treinmachinist mijn aanhangwagen van hot naar her wil trekken. 😉

      Like

  4. Koen

    Ik ben niet zo’n auto-man. Een geit (Citroen 2PK) toen ik 18 werd en als eerste van mijn jaar een auto onder mijn kont had. Ik was ook de enige die 2 jaar langer had gefietst en geen brommer kocht ondanks de 10km van huis naar school. Dan een paar jaar niks. Een oranje Renault 4 – afgereden. Een blauwe Renault 4 – ook afgereden tot het autokerkhof. Een grijze Volkswagen Golf (gestolen). Een witte Volkswagen Golf (gestolen). Een rode Toyota Avensis. Total loss na een nachtelijke crash met afgevallen lading – ijzeren staven – van een vrachtwagen in Denemarken. Een grijsgroene Toyota Avensis – weggeven aan mijn zoon en later aan mijn dochter. Een tijd niks. En nu een Toyota Auris Hybrid. En een Nissan Xtrail in Mozambique. Mijn madam rijdt met een Audi TT. (Onder ons gezegd … dat is een slechte keuze ivm de slechte staat van de Mozambikaanse wegen.)

    Like

  5. Bart

    Ik brei verder op Madam haar 2-wieler :
    1986 Flandria 50cc,bromfiets van Belgische makelij
    1987 Honda MB-5
    1988 Honda CB250N
    1990 Honda VF750F (oh, die machtige V4 🙂 )
    1993-1998 Honda CB750F2 SevenFifty, de eerste nieuwe, alle voorgaande waren tweededehands.
    En vanaf dan een resem bedrijfswagens : Peugeot 406, VW Touran, Renault Scenic I en II . Veelal praktische keuzes met 3 koters… en voor ’t vrouwtje Toyota Starlet en Corolla, Opel Astra en tot op heden een Peugeot 206.

    Maar momenteel staan er ook nog een jongtimer en een oldtimer op de oprit die eigendom zijn van de jongste zoon. Een Opel Corsa B uit ’98 en een BMW 518i uit ’85. Die laatste is onder andere 1 van de redenen waarom het op m’n eigenste blog zo rustig is. Na m’n moto periode heeft de jeugdliefde voor mechanica weer de kop op gestoken en zitten vader en zoon dus veel te sleutelen. Ik reed namelijk net zoals Madam elke dag met mijn gemotoriseerde 2-wielers, enkel ijzel en sneeuw hielden me tegen. Daar ik toen nog studeerde deed ik het onderhoud van deze motorfietsen zelf.

    Like

  6. zem

    Auto’s doen me niet zo veel. Maar bij de allereerste oranje eend kreeg ik wel nostalgische gevoelens.
    Een donkerrode eend was de auto van mijn echtgenoot, toen hij mij nog het hof maakte. Als de eend tegen een heuvel op moest, had je het gevoel dat je een beetje moest meegeven om hem te helpen… Tja…

    Like

    • Menck

      Haha, een eend was/is inderdaad bijzonder sloom. Ik weet nog goed hoe ik op de autosnelweg zelfs veelvuldig werd ingehaald door vrachtwagens. (Die toentertijd nog niet begrensd waren qua snelheid.)

      Like

  7. Kakel

    Haha (-: Noemen jullie een eend een geit?
    Wat een geweldig blog. Ik viel bijna flauw achterover van het lachen. Ik ben wel heel blij dat Madam Menck het kan navertellen en niet de Renault 5. En wat is haar motor cool!

    Like

    • Menck

      De moto hebben we met heel veel spijt in het hart verkocht toen de praktische kant van het vervoersmiddel niet langer voldeed. En twee auto’s én een moto is helaas van het goeie teveel; onze portemonnee protesteert.

      En yep, in België kent iedereen een eend als een geit. Zelfs het overbekende kinderliedje pasten we aan naar ‘Alle geitjes zwemmen in het water’. (NOT! 😀 )

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s