Dum vivimus, vivamus (*)

Een goeie week geleden vierden mijn schoonouders hun vijftigjarig huwelijksjubileum. Een halve eeuw getrouwd, en dat al die tijd met elkaar: faut le faire. Een reden om te feesten, kortom.
Aangezien de euro al een poos in voege is, werd er niet op een frank gekeken. En dus werd de ridderzaal ener middeleeuws kasteel gevorderd om aldaar met zijn zestigen de innerlijke mens wat te versterken middels rijkelijk vloeiend spiritueel vocht en tal van exquise spijzen.

In de vooravond arriveerde het gevierde paar in een blinkende vuurrode open koets voorzien van tweehonderdendrie welwillend stampende paarden.

Na het obligate heen-en-weergekus – een ritueel dat ik danig verfoei; ik prefereer een gedistingeerde handdruk ter begroeting – stapte het gezelschap over de met kinderkoppen geplaveide kasteelbrug het feestpaleis binnen. In de slotgracht bracht een langgerekte fonteinenrij prompt een spuitorgasme ten berde. Als klaterende welkomstode kon zulks tellen, vond ik.

“Had ik mijn pitteleer niet moeten aantrekken?” vroeg ik op fluistertoon aan madam Menck. “Dit aristocratisch gedoe vraagt er gewoon om.”
“Doe niet zo belachelijk”, berispte ze me wijl ze een restantje ontbijtsmeerkaas uit mijn mondhoek wreef. “Je ziet er meer dan aannemelijk uit.”
Ik snoof even en net voor we de adellijke doening zouden binnengaan, begon ik een sigaret te rollen. Meteen kreeg ik een boze blik toegeworpen van mijn aangetrouwde wederhelft.
“Wat?” repliceerde ik enigszins gepikeerd. “Had ik dure sigaren moeten meenemen, dan?”
Ze zuchtte en trok me naar binnen.

Het eerste dat me opviel was de stijlvolle bar bezijden de eetgelegenheid. Een jongeman met een vettige paardenstaart stond achter de tap wat landerig naar het binnenstromende gezelschap te kijken. Een jobstudent, vermoedde ik, want hij viel ietwat uit de toon in zulk een chique chateau, ofschoon zijn kledij dat niet verried.

Mijn madam had gezorgd voor de tafelstukken. En het moet gezegd: ze had in dezen haar beste beentje voorgezet. Ook de ruikers die het paar van ons in ontvangst mocht nemen, waren van heur hand.

En hierna verloopt een dergelijke festiviteit volgens een aloud stramien: receptie met natjes en droogjes, een speech (of drie, in ons geval), voorgerecht, hoofdgerecht, nagerecht en one for the road. Make that two. Or three. Enfin, u kent dat wel.

Er werd tevens een fotolijst overhandigd waarin vijftig jaar samenzijn chronologisch werd vervat.

Mijn madam droeg, samen met haar jongere zussie, een gedicht mijner hand voor, tremolo in de stemmetjes, hunner papiertjes wat beverig vasthoudend. Geen wonder, want de tekst bevatte enkele schunnige zinsneden, een stuk of wat inside jokes en wat jolige tekakkenzetterij.
Wie mij een “pittig en grappig” tekstje laat neerpennen, had het moeten weten.

Zelf nam ik een resem foto’s van het gebeuren en de feestvierders. Ook al omdat mijn schoonmoeder daarop had aangedrongen. Het was de voorlaatste keer dat ik mijn camera zou hanteren. Maar zeg nou zelf: spat hier geen – al dan niet geveinsde dan wel geposeerde – verliefdheid van uw scherm?

Deze stek als feestgelegenheid is een aanrader. De bediening is professioneel, vlot en hartelijk, het eten is zéér te pruimen en het kader is overweldigend. Of hoe zou u zalen met tien meter hoge plafonds en een ontzagwekkende historische inrichting en achtergrond anders noemen?
Ik voelde me een stonde ‘king of my castle’, vooral toen ik ging kakken op een toilet dat na mijn gebruik een complexe automatische brilreiniging doorvoerde wijl ik een blik op de parktuin wierp doorheen oeroude glas-in-loodramen.

Tot slot wil ik u de wijze raad die in de schouwmantel stond gebeiteld niet onthouden:

Houdt uw haardvuur veilig
en uw hartvuur heilig.’

Fijn advies, tenzij u, net als ik, over een centrale verwarming beschikt.

Rest mij nog een vraagje voor u allen: weet u ook in welk middeleeuws kasteel wij onze feestduivels ontbonden?
De eerste die het juiste antwoord in het reactieluik plempt, maakt na een difficiele schiftingsvraag kans op een all-in weekend in een Syrische badplaats naar keuze. Gratis rondleiding in het historische Palmyra inbegrepen, dat spreekt.

[ Foto’s: Menck | Twaait ]
___

(*) Laten we van het leven genieten, zolang als we leven.

Advertenties

    • Menck

      Merci! Ook al zijn het dan wel niet mijn ouders, maar die van mijn madam. 😉
      Allez vooruit, volgend jaar zit je dus ook volop “in de feeste”. Fijn vooruitzicht, toch?

      Like

  1. Billy

    een simpele zoektocht via het gekende google bracht me bij het kasteel van Moerkerke, maar ik merk dat ik rijkelijk te laat ben om nog aan de haal te gaan met die reis. Gelukkig maar… 😉
    Nog hartelijke felicitaties aan het langgehuwde paar!!!

    Like

  2. Kakel

    Gefeliciteerd met je ouders! 50 jaar is geen kattenpis. Mijn ouders waren vorige week 55 jaar getrouwd. Je hebt altijd baas boven baas 🙂 Wij zijn uit eten geweest met elkaar maar niet in zo’n chique tent als waar jullie vertoefd hebben.
    Mooie bloemstukken! Ik zie andere invullen dat het het kasteel van Moerkerke is. Godzijdank ben ik te laat om voor de reis naar Syrië in aanmerking te komen. Maar die schiftingsvraag zou ik wel graag willen weten, haha.
    Lieve groet

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.