Klein maar dapper

Sedert een maand trek ik ten strijde met een nieuw ros: een middelgrote bestelwagen met desalniettemin verrassend veel laadruimte – 4,3 m3 om precies te zijn en een vloerplaat waar twee europaletten op passen. Aerodynamisch is dit type voertuig een tuinhuis op wielen, maar dankzij zijn kleinere dieselmotor met directe inspuiting en zijn gestroomlijnde snuit en smallere banden valt het verbruik aardig mee: gemiddeld verstookt mijn zelfontbrander 6,4 liter per 100 kilometer in beladen toestand. Dat is ruim drie liter minder dan zijn voorganger. Hulde.
Nog voordelen?
Jazeker. Want aangezien dit vehikel ingeschreven staat als lichte vracht, zijn de taksen bijzonder vriendelijk.
Hoe een auto eruitziet, interesseert me geen ene moer. Datzelfde geldt overigens evenzeer voor zijn prestaties. Dit ding brengt me redelijk comfy van A naar B, heeft niet de minste moeite met een – bijwijlen zwaarbeladen – aanhangwagen, zit lekker hoog en ik kan er aardig wat instouwen.

Zo ziet hij eruit aan de buitenkant:

En dit is dan weer, voor het geval zulks al niet duidelijk was, de binnenkant:

Er is een degelijke stereo-installatie voorhanden – radio, cd en zelfs mp3 – mét bediening aan het stuur, er is godbetert bluetooth aanwezig en van de passagierszetel maak ik in een handomdraai een tafeltje om, ik zeg maar iets, mijn boterhammen op te leggen. Of mocht het ooit eens zomer worden: een frigobox.

De laadruimte is ontworpen volgens het ‘vierkante dozen’-principe. Ze is bereikbaar via twee zijdelingse schuifdeuren en twee wijd openklappende deuren achteraan. L’embarras du choix, zowaar.
Aanvankelijk moest ik al mijn gerief op de grond leggen. Beetje onpraktisch en het geeft al snel zo’n rommeltje. Dat moest beter kunnen.

Na wat hersenpijniging kwam ik met een plannetje op de proppen:

Het vereiste materiaal voor deze inrichting was miniem: een pakket vurenhouten planken voor de legbanken (39 euro in een nabije doe-het-zelfzaak), een lap rubberfolie om diezelfde legbanken te bekleden en alzo het schuiven van mijn tuingereedschap tegen te gaan (gratis wegens nog resten van de vijver voorhanden) en een handvol schroefoogjes om een en ander stevig vast te sjorren (3,95 euro). De pootjes waar deze constructie op zou rusten, betrok ik uit een tweetal vierkante tuinpalen die nog op zolder lagen.
Dit bouwsel kan immer uit de laadruimte worden verwijderd indien nodig (als er eens een kast moet worden verhuisd of wanneer ik een tweepersoonsmatras in de laadruimte wel een prettige gedachte vind).
De ruwbouw zag er als volgt uit:

En na de bekleding met folie en het volstouwen, verkreeg ik dit:

I love it when a plan comes together.

[ Foto’s: Menck | aanklikbaar voor groter ]

Advertenties

  1. Eilish

    En nu nog belettering op de buitenkant, ik zeg maar iets : ’t waait ??
    Volgens mij ben je met dat ‘schoon gerief’ jarenlang goed zonder ongevallen tenminste. En anders, ‘k heb hier nog een gewijde palmtak liggen (gekregen van mijn schoonmoeder toen ik mijn nief voituur in dienst nam), ik reken namelijk liever op een omnium verzekering 😉

    Like

    • Menck

      Ik zeg ook maar iets: Linea Flora. (Da’s namelijk al jaren de naam van de zaak, hà!)
      De belettering volgt zeker nog.
      Ik heb een Sint-Christoffel liggen in de auto. Telt dat ook?

      Like

  2. elke

    Don’t we just all love it when a plan comes together. Daar ben ik ook een grote liefhebber van. Well done, Menck, ik ben voorwaar weer trots op jou 😉

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s